Wat betekenen Type A, B en C bij nitril handschoenen?
Niet iedere handschoen biedt dezelfde bescherming tegen chemicaliën.
Bij nitril handschoenen die bedoeld zijn voor bescherming tegen chemicaliën wordt gekeken naar de prestaties die tijdens gestandaardiseerde tests zijn aangetoond. EN ISO 374 beschrijft de eisen en testmethoden waarmee deze chemische bescherming wordt beoordeeld.
Bij de classificatie Type A, B en C wordt onder andere gekeken naar de resultaten van de permeatietest. Daarbij wordt vastgesteld hoe lang een bepaalde chemische stof nodig heeft om door het handschoenmateriaal heen te dringen. Die tijd wordt de doorbraaktijd genoemd.
Belangrijk: Type A, B en C betekenen niet simpelweg goed, beter en best.
Het type geeft aan tegen hoeveel geteste chemicaliën en op welk minimaal prestatieniveau bescherming is aangetoond.
Belangrijk om te herkennen:
- CE-markering - voldoet aan de relevante Europese eisen voldoet
- CAT- classificatie - geeft risiconiveau van de handschoen aan
- EN ISO 21420 - algemene eisen voor beschermende handschoenen
- Specifieke normen - aanvullende eisen aan bijv. chemische bescherming
Het type alleen zegt dus niet welke chemische stoffen een handschoen kan weerstaan. Daarvoor zijn de specifieke testresultaten bepalend.
Niet iedere nitril handschoen is geschikt voor chemische bescherming. De daadwerkelijke bescherming hangt af van de specifieke testresultaten en de chemicaliën waarmee de handschoen in contact komt.
Hoe wordt chemische bescherming van een nitril handschoen getest?
Een nitril handschoen kan op verschillende manieren worden blootgesteld aan een chemische stof. Daarom wordt bij de beoordeling van chemische bescherming onder andere gekeken naar penetratie, permeatie en degradatie. Deze drie begrippen beschrijven verschillende manieren waarop een chemische stof invloed kan hebben op of door het handschoenmateriaal kan komen.
Penetratie
Penetratie betekent dat een chemische stof door een gaatje, scheurtje of andere onvolkomenheid in de handschoennaar de binnenzijde kan komen. De weerstand tegen penetratie wordt onder andere getest op lekkage.
Permeatie
Bij permeatie gaat het anders. Een chemische stof dringt op moleculair niveau door het materiaal van de handschoen heen. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de tijd die nodig is voordat de stof de binnenzijde bereikt: de doorbraaktijd. Deze testresultaten spelen een belangrijke rol bij de classificatie Type A, B en C.
Degradatie
Degradatie betekent dat het materiaal van de handschoen zelf verandert door contact met een chemische stof. Het materiaal kan bijvoorbeeld zwellen, verharden, zachter worden of andere fysieke veranderingen vertonen. ISO 374-4 beschrijft hiervoor de testmethode.
Een handschoen kan dus goed bestand zijn tegen de ene chemische stof, maar veel minder geschikt zijn voor een andere. Kijk daarom altijd naar de specifieke testresultaten en gebruiksomstandigheden.
Wat betekent de doorbraaktijd van een nitril handschoen?
Bij een permeatietest wordt gemeten hoe lang het duurt voordat een chemische stof door het materiaal van de handschoen heen dringt. Deze tijd noemen we de doorbraaktijd. Hoe langer de doorbraaktijd, hoe langer het handschoenmateriaal onder de geteste omstandigheden weerstand biedt tegen de betreffende chemische stof.
De doorbraaktijd wordt ingedeeld in zes prestatieniveaus:
De doorbraaktijd wordt ingedeeld in zes prestatieniveaus:
- Niveau 1: meer dan 10 minuten
- Niveau 2: meer dan 30 minuten
- Niveau 3: meer dan 60 minuten
- Niveau 4: meer dan 120 minuten
- Niveau 5: meer dan 240 minuten
- Niveau 6: meer dan 480 minuten
Een hoger prestatieniveau betekent dus een langere aangetoonde doorbraaktijd voor de specifieke chemische stof waarmee de handschoen is getest.
Belangrijk om te weten
Een doorbraaktijd is geen gebruiksduur. Een testresultaat van bijvoorbeeld niveau 6 betekent niet dat een handschoen in de praktijk 8 uur veilig gedragen kan worden. De werkelijke bescherming hangt onder andere af van de chemische stof, concentratie, temperatuur, contacttijd en omstandigheden waarin de handschoen wordt gebruikt.
Kijk daarom niet alleen naar Type A, B of C, maar ook naar de specifieke chemicaliën waarvoor de handschoen is getest en het behaalde prestatieniveau.
Wat betekenen Type A, B en C?
De classificatie Type A, B en C geeft aan tegen hoeveel specifieke testchemicaliën en op welk minimaal prestatieniveau bescherming tegen permeatie is aangetoond. Het type zegt dus niet simpelweg dat een handschoen “beter” of “slechter” is.
De bescherming is altijd gekoppeld aan de chemicaliën waarvoor de handschoen daadwerkelijk is getest.
Type A
Een Type A handschoen heeft minimaal prestatieniveau 2 behaald tegen ten minste zes van de in de norm opgenomen testchemicaliën.
Type B
Een Type B handschoen heeft minimaal prestatieniveau 2 behaald tegen ten minste drie van de in de norm opgenomen testchemicaliën.
Type C
Een Type C handschoen heeft minimaal prestatieniveau 1 behaald tegen ten minste één van de in de norm opgenomen testchemicaliën.
Belangrijk om te onthouden
Type A, B of C vertelt dus niet tegen welke chemicaliën een handschoen geschikt is. Daarvoor moet je kijken naar de specifieke chemicaliën waarmee de handschoen is getest, de behaalde doorbraaktijd en de omstandigheden waarin de handschoen wordt gebruikt. De betreffende chemicaliën worden bij de markering met hun lettercode onder het chemische pictogram aangegeven.
“Goede handbescherming begint niet met een product, maar met de juiste kennis.”
Welke chemicalien worden getest bij EN ISO 374?
Een nitril handschoen kan tegen de ene chemische stof goed bestand zijn en tegen een andere veel minder. Daarom worden handschoenen volgens EN ISO 374 getest met specifieke testchemicaliën. De resultaten van deze testen bepalen welke chemische bescherming op de handschoen mag worden aangegeven.
Op de handschoen of verpakking kan onder het chemische pictogram een lettercode staan. Deze letter verwijst naar de chemische stof waarmee de handschoen is getest.
Enkele voorbeelden:
- A - Methanol
- B - Aceton
- C - Acetonitril
- D - Dichloormethaan
- F - Tolueen
- I - Ethylacetaat
- J - n-Heptaan
- K - 40% natriumhydroxide
- L - 96% zwavelzuur
- L - 96% zwavelzuur
- M - 65% salpeterzuur
- N - 99% azijnzuur
- O - 25% ammoniumhydroxide
- P - 30% waterstofperoxide
Kijk altijd naar de volledige chemische weerstandstabel van de fabrikant voordat je een handschoen voor een specifieke chemische toepassing kiest.
Maar let op
De lettercode betekent niet dat de handschoen onbeperkt tegen deze chemische stof beschermt. Ook de behaalde doorbraaktijd en het prestatieniveau zijn van belang. Daarnaast spelen onder andere de concentratie, temperatuur, contacttijd en gebruiksomstandigheden een rol.
Hoe kies je de juiste nitril handschoen bij chemicaliën?
De juiste nitril handschoen kiezen begint niet bij het type A, B of C, maar bij de chemische stof waarmee je werkt en de omstandigheden waarin je de handschoen gebruikt.
Controleer daarom altijd:
- Welke chemische stof wordt gebruikt
- Welke concentratie de stof heeft
- Hoe lang de handschoen waarmee in contact komt
- Welke doorbraaktijd en welk prestatieniveau voor deze stof zijn aangetoond
- Of de handschoen geschikt is voor de betreffende toepassing
Een Type A-handschoen biedt bijvoorbeeld bescherming tegen minimaal zes geteste chemicaliën, maar dat betekent niet dat deze handschoen automatisch geschikt is voor iedere chemische stof. De daadwerkelijke bescherming moet altijd worden beoordeeld aan de hand van de specifieke testresultaten van de handschoen.
Let op met praktijkgebruik
Testresultaten uit een laboratorium geven belangrijke informatie over de chemische weerstand van het handschoenmateriaal, maar zijn geen garantie voor iedere praktijksituatie. Temperatuur, concentratie, contacttijd, mechanische belasting en de manier waarop de handschoen wordt gebruikt kunnen allemaal van invloed zijn op de daadwerkelijke bescherming.
Gebruik je een chemische stof? Kijk dan niet alleen naar het handschoenmateriaal of de classificatie Type A, B of C. Controleer altijd de specifieke chemische weerstand van de gekozen handschoen.
Veelgestelde vragen over chemische bescherming (FAQ's)
1. Wat is het verschil tussen Type A, Type B en Type C nitril handschoenen?
Type A, B en C zijn classificaties voor de aangetoonde weerstand tegen permeatie van specifieke testchemicaliën. Type A vereist minimaal prestatieniveau 2 tegen ten minste zes testchemicaliën, Type B minimaal niveau 2 tegen ten minste drie en Type C minimaal niveau 1 tegen ten minste één testchemische stof.
2. Betekent Type A dat een nitril handschoen de beste bescherming tegen chemicaliën biedt?
Nee. Type A betekent niet dat een handschoen tegen alle chemicaliën de beste bescherming biedt. Het geeft aan dat tegen minimaal zes testchemicaliën minimaal prestatieniveau 2 is aangetoond.
Een Type B-handschoen kan bijvoorbeeld tegen een bepaalde chemische stof een hogere doorbraaktijd hebben dan een Type A-handschoen. Kijk daarom altijd naar de specifieke chemische weerstand van de betreffende handschoen.
3. Wat betekent de doorbraaktijd bij chemische handschoenen?
De doorbraaktijd is de tijd die een chemische stof nodig heeft om tijdens een permeatietest door het handschoenmateriaal heen te dringen.
De doorbraaktijd wordt gebruikt om het permeatie-prestatieniveau van de handschoen te bepalen. De prestatieniveaus lopen van 1 tot en met 6, waarbij niveau 6 staat voor een gemeten doorbraaktijd van meer dan 480 minuten.
4. Wat betekenen de prestatieniveau's 1 tot en met 6?
De permeatie-prestatieniveaus zijn gebaseerd op de gemeten doorbraaktijd:
- Niveau 1: > 10 minuten
- Niveau 2: > 30 minuten
- Niveau 3: > 60 minuten
- Niveau 4: > 120 minuten
- Niveau 5: > 240 minuten
- Niveau 6: > 480 minuten
Een hoger niveau betekent een langere aangetoonde doorbraaktijd voor de betreffende testchemische stof.
5. Wat is het verschil tussen penetratie, permeatie en degradatie?
Penetratie betekent dat een chemische stof door een gaatje, scheurtje of andere onvolkomenheid in de handschoen naar de binnenzijde kan komen.
Permeatie betekent dat de chemische stof op moleculair niveau door het materiaal heen dringt.
Degradatie betekent dat het handschoenmateriaal zelf door contact met de chemische stof verandert, bijvoorbeeld door zwelling, verharding of andere aantasting.
Deze drie eigenschappen geven ieder andere informatie over de chemische weerstand van een handschoen.
6. Beschermt een handschoen tegen alle chemicaliën?
Nee. Nitril is niet automatisch bestand tegen iedere chemische stof.
De chemische weerstand hangt af van onder andere de samenstelling en dikte van het handschoenmateriaal en de specifieke chemische stof. Daarom moet je altijd de chemische weerstandstabel en de testresultaten van de fabrikant raadplegen.
Ook concentratie, temperatuur en contacttijd kunnen bij de praktische toepassing een belangrijke rol spelen.
7. Wat betekenen de letters onder het chemische pictogram op een nitril handschoen?
De letters verwijzen naar de specifieke testchemicaliën waarvoor chemische bescherming is aangetoond. In de veelgebruikte markering volgens de eerdere EN ISO 374-1:2016 + A1:2018 werden bijvoorbeeld A = methanol, B = aceton, C = acetonitril en F = tolueen gebruikt.
Belangrijk is dat je de letter altijd in combinatie met de betreffende normversie en de productdocumentatie moet beoordelen. De letter betekent niet dat de handschoen onbeperkt tegen die stof bestand is.
8. Waarom kan dezelfde nitril handschoen wel geschikt zijn voor de ene chemische stof en niet voor de andere?
Chemicaliën reageren verschillend met het materiaal van een handschoen. Een stof kan relatief langzaam door het materiaal permeëren, terwijl een andere stof veel sneller doordringt of het materiaal aantast.
Daarom worden chemische handschoenen met specifieke stoffen afzonderlijk getest. Een goede score tegen één chemische stof betekent dus niet automatisch dezelfde bescherming tegen een andere stof.
9. Welke factoren beïnvloeden de chemische bescherming van een nitril handschoen?
Naast de eigenschappen van het handschoenmateriaal zijn onder andere de volgende omstandigheden belangrijk:
- de chemische stof;
- de concentratie;
- de temperatuur;
- de contacttijd;
- de mechanische belasting;
- de manier waarop de handschoen wordt gebruikt.
Een laboratoriumtest geeft belangrijke informatie over de chemische weerstand, maar de omstandigheden in de praktijk kunnen daarvan afwijken.
10. Is een CAT III-nitril handschoen automatisch geschikt voor werkzaamheden met chemicaliën?
Nee. CAT III betekent niet dat een handschoen tegen iedere chemische stof beschermt.
De CAT-classificatie heeft betrekking op bescherming tegen risico’s van een hogere ernst. Voor chemische bescherming moet daarnaast worden gekeken naar de toepasselijke normering en vooral naar de specifieke testresultaten tegen de chemische stof waarmee wordt gewerkt.
Een CAT III-handschoen kan dus chemische bescherming bieden, maar je moet controleren tegen welke stoffen en onder welke testcondities.
11. Kan ik aan het Type A-, B- of C-label zien welke chemicaliën een handschoen kan weerstaan?
Niet volledig. Het type geeft aan hoeveel testchemicaliën aan bepaalde minimale prestatieniveaus voldoen, maar vertelt niet op zichzelf welke stoffen dat zijn.
Daarvoor moet je kijken naar de lettercodes bij het chemische pictogram, de bijbehorende testresultaten en de technische documentatie van de fabrikant.
Dit is ook waarom alleen kijken naar “Type A” onvoldoende is wanneer je een handschoen voor een specifieke chemische toepassing wilt selecteren.
12. Hoe bepaal ik welke nitril handschoen geschikt is voor mijn chemische toepassing?
Begin met het identificeren van de exacte chemische stof en de concentratie waarmee wordt gewerkt. Kijk vervolgens naar de chemische weerstand van de specifieke handschoen en controleer de aangetoonde doorbraaktijd en het prestatieniveau.
Houd daarnaast rekening met temperatuur, contacttijd, mechanische belasting en de manier waarop de handschoen wordt gebruikt.
Twijfelt u over de juiste keuze? Laat de specifieke chemische stof en stof beoordelen voordat u een handschoen selecteert.
Neem gerust contact op voor persoonlijk advies.
- 06 23 24 18 29